zondag 13 mei 2018

Olifanten in Pinnawela verzorgen en zien badderen


Woensdagmiddag even voor 4 uur komen we aan in Pinnawela. Dit dorpje is bekend om de Pinnawela Elephant Orphanage, een olifantenopvang waar zeer gemengde berichten over te vinden zijn: er zou niet goed voor de olifanten gezorgd worden maar het baden van de olifanten in de rivier zou wel erg mooi zijn om te zien. Na de ellende met de toeristische olifantenindustrie in Thailand, kan het hier voor ons alleen maar meevallen. In Thailand zagen we talloze toeristen op de rug van een olifant zitten, zingend, feestend, soms lallend. En die arme olifanten maar zwoegen met een veel te zwaar rek op hun nek. Het rijden op olifanten gebeurt in Sri Lanka ook, maar niet door ons. In de Pinnawela Orphanage is dit niet toegestaan. Daarbij heb ik het Elephant Freedom Project gevonden op internet. Een stichting vangt mannetjes olifant Nilame op en zorgt ervoor dat hij een luxe leventje kan leiden. Toeristen betalen om een dagdeel voor de olifant te zorgen, uiteraard onder begeleiding. Dit lijkt mij een veel mooiere ervaring dan het gebruiken van een olifant voor een wandeling door het mooie landschap. Als we Pinnawela binnenrijden, zien we een olifant lopen met een paar mensen erbij, zal dit Nilame zijn?

Omdat de olifanten van de Orphanage in de rivier voor de hotels zwemmen, mogen we zonder toegangskaartje niet naar het hotel voor 16 uur. Als we 10 minuten te vroeg aankomen bij de toegangsweg naar het hotel, worden we inderdaad tegengehouden. We gaan even kijken in een winkeltje en zien de olifanten terug lopen van de rivier naar het opvangcentrum. Daarna kunnen we zonder problemen doorrijden. Het laatste hotel mag natuurlijk wel wat luxer zijn dan de vorige en met het Elephant Bay Hotel lijkt dit te zijn gelukt. Als we arriveren, krijgen we een fris welkomstdrankje en als ik de overnachtingen betaald heb, worden de koffers naar de kamers gebracht. We hebben de mooiste kamers: op de laagste verdieping met uitzicht over de rivier. M’n moeder heeft het grootste balkon, dus daar gaan we zitten. Helaas regent en onweert het als we arriveren, dus kunnen we niet zwemmen. We eten en drinken wat op het balkon, totdat het weer voldoende is opgeknapt om te gaan zwemmen.

Het begint al te schemeren als we het zwembad inspringen, wat gelukkig niet zo koud is. We zwemmen een half uurtje en genieten van de zonsondergang. We zien een steeds grotere groep vogels over de rivier en het hotel vliegen. Het blijken vliegende honden, een soort grote vleermuizen, te zijn. Het zijn er honderden, telkens als we denken dat ze allemaal weg zijn, komt er weer een zwerm aanvliegen. Het ziet er indrukwekkend uit, alleen maakt Stan zich zorgen over alle vliegende honden poep. Als het donker wordt gaan we uit het zwembad, even snel douchen en dan naar het restaurant voor het diner. We bestellen wat simpele gerechten maar het duurt toch best lang voor het eten geserveerd wordt. Helaas is het ook niet zo lekker als gehoopt, de kip is zelfs ronduit vies. De patat en spaghetti smaken wel goed en daarmee krijgen we onze buiken weer gevuld. Mats is zo moe dat hij bij mijn moeder op schoot in slaap valt. Ook Stan is moe van de lange dag en de jongens liggen dan ook snel te slapen als we ze in bed leggen. Wij drinken nog wat op het balkon en dan is er weer een prachtige dag voorbij.

Donderdagochtend heb ik om 9 uur afgesproken bij het Elephant Freedom Project. Stan en Mats zijn al voor 7 uur wakker. Wij willen dat ze nog even in hun bed en tentje blijven, maar daar denken ze zelf heel anders over. Voor 7 uur zitten ze samen op Stans bed achter het gordijn naar de rivier te kijken. Er is nog geen olifant te zien, dat valt ze tegen. Christiaan en ik gaan ook maar uit bed en zitten om half 8 klaar voor het ontbijt. Dit gaat ook allemaal niet zo snel bij dit hotel. Terwijl we op onze toast en omelet wachten, verbazen we ons over het mannetje dat het zwembad schoonmaakt. Vooral over zijn werktempo, hij is echt een paar uur bezig om het zwembad schoon te maken. Na iedere zucht wind liggen er weer bladeren in het zwembad, dus hij zou het oneindig kunnen volhouden. Na het ontbijt pakken we de spullen en stappen in de bestelde tuktuks. De tuktuk chauffeur wil ons duidelijk graag meer attracties laten zien. Hij wil met ons naar de kruidentuin en hij kan ook een olifantenritje regelen. We melden dat dit helemaal niet de bedoeling is, hij moet ons gewoon naar het Elephant Freedom Project brengen. Het is een ritje van nog geen 10 minuten en kost ook niet veel. We zijn een beetje door ons kleingeld heen en de chauffeur stelt voor dat hij ons ’s middags ook weer ophaalt en dan kunnen we betalen. Bijzonder dat ze zoveel vertrouwen in ons hebben, we krijgen het nummer en dan rijden ze weg.

We worden welkom geheten bij het Elephant Freedom Project en krijgen een kop koffie. We hebben nog voldoende tijd om ons goed in te smeren met zonnebrandcrème en anti-muggenlotion. Dan krijgen we uitleg over het programma, wij hebben het ochtendprogramma met lunch afgesproken. Hier doen maximaal 10 mensen aan mee, maar naast ons is er één Australische vrouw aanwezig. We hebben 2 begeleiders, Sri Lankanen die werkervaring opdoen bij het Project. Het zijn twee enthousiaste mannen die ook leuk zijn met de kinderen. Uiteraard krijgen we ook uitleg over hoe we ons moeten gedragen bij de olifant. Het is geen huisdier, olifanten lijken veel meer op mensen dan honden en poezen. Ze zijn slim, onthouden alles en willen graag de baas zijn. We mogen de olifant niet boos maken vandaag, dus de olifant leidt ons. En we mogen niet bij de slurf en de staart in de buurt komen. Na de uitleg gaan we het olifantenontbijt maken. We moeten de mango snijden die Nilame straks als ontbijt krijgt. Daarna moeten we het olifantenbed schoonmaken. We lopen de heuvel op, waar Nilame en zijn mahout ons tegemoet lopen. Mats mag al direct zijn banaan aan de olifant geven. Tot mijn verbazing doet hij dat zonder blikken of blozen. Zo'n klein mannetje en zo'n grote olifant. De banaan is natuurlijk snel verdwenen. De mahout stuurt de olifant de berg af, die zien we straks terug.

De olifant verblijft 's nachts op de heuvel met een prachtig uitzicht. 's Ochtends moet de olifantenpoep hier weggehaald worden. De kids en m'n moeder hebben hier niet zo'n zin in, dus Christiaan en ik krijgen lange handschoenen aangeboden. We gooien de grote drollen op de mesthoop, een geurig klusje. Als het nest weer schoon is, lopen we weer de heuvel af naar de doorgaande weg. Aan de overkant staat Nilame met de mahout. We gaan nu wandelen naar de ontbijtplek, over de doorgaande weg. We slenteren achter de olifant aan, terwijl begeleider Kasun ons allerlei wetenswaardigheidjes vertelt over de olifant. De mahout moet voorkomen dat de olifant iets sloopt langs de route, daarom schreeuwt hij regelmatig 'doorlopen'. Gelukkig krijgen we van de begeleiders paraplu's, het is echt bloedheet in de volle zon. De olifant ontbijt met een zelfgeplukte bananenboom, deze sleept hij naar een grasveldje. Als de banenenboom op is, krijgt hij onze mango als toetje. Stan en Mats geven heel wat stukken in de slurf, in de mond voeren gaat ze te ver. Nilame heeft een natte vieze tong, dus dat had ik ook beter kunnen laten. M'n moeder maakt de tas met mango leeg en dan mag de Australische haar ontbijt nog voeren. Na nog wat foto's is het tijd om terug te lopen naar het huis. Hier wordt Nilame gedoucht met de tuinslang. Uiteraard vinden de jongens het prachtig om de olifant nat te spuiten. 

Nu mag de olifant een dutje gaan doen en wij gaan terug voor wat drinken. M'n moeder, Christiaan en de kinderen bezoeken daarna een olifantenpoep fabriek, hier maken ze papier van de poep. Ik mag de kok, Kasun en de Australische helpen met het bereiden van de lunch. Ze noemen het een workshop en we krijgen ook veel uitleg over de gebruikte groenten en kruiden. Het is leuk om in de keuken bezig te zijn, we hebben leuke gesprekken en ik zorg ervoor dat er niet teveel chili aan de gerechten wordt toegevoegd, zodat m'n moeder en de kinderen de curries ook kunnen eten. We hebben een leuk gesprek over de rolverdeling, het verschil tussen Sri Lanka en Australie en Nederland is heel groot. In Sri Lanka moeten de vrouwen het hele huishouden nog verzorgen, waarbij het eten koken heel tijdrovend is. Groenten worden zelf verbouwd of op de markt gehaald. Als ik vertel dat wij de aardappelen en groenten gewoon voorgeschild in de supermarkt kopen, wordt ik vreemd aangekeken. Ik kijk vreemd op als we kokosmelk moeten gaan maken. Dat ken ik echt alleen maar uit een pak, ook tijdens de kookworkshop in Thailand stonden de groene pakken op het aanrecht. Maar hier wordt een gedroogde kokosnoot gepakt. Met een machete wordt deze in tweeën gehakt. Met een speciaal stoeltje met kokosrasp, dat in ieder Sri Lankaans huis zou staan, wordt de kokosnoot leeggeraspt. De Australische en ik mogen het eerst proberen. In 10 minuten hebben we nog maar een klein beetje kokosrasp uit de noot geraspt. De kokkin gaat daarna op het stoeltje zitten en heeft in 2 minuten de hele kokosnoot leeggeraspt. Dan heb je dus een bak met rasp, daar moet water aan worden toegevoegd. Door dit mengsel te kneden, ontstaat er kokosmelk. Het mengsel moet gezeefd worden. Dit kun je 2 keer doen met het rasp van een kokosnoot en zo halen we uit een halve kokosnoot ongeveer een halve liter kokosmelk. Als de curries op het vuur staan, komen Stan en Mats de keuken in met een stukje olifantenpoeppapier, ook dat was leuk.

Nu is het tijd voor het leukste onderdeel van dit programma, vooral voor de olifant. We lopen naar de rivier aan de overkant van de weg. Als wij de rivier inlopen, ligt de olifant al te relaxen in het water. De mahout maakt een paar borstels van een kokosnoot en daarmee gaan we Nilame schoon schrobben. De jongens gaan enthousiast aan de slag en zijn erg lief voor de olifant. Doordat hij op z'n zij ligt, valt de grootte niet zo erg meer op. De mahout gaat ook meehelpen met schrobben, hij doet het gezicht en wij de rug en zij. Hij schrobt heel wat harder dan wij en we worden aangespoord om ook wat harder te schrobben. Er zit allerlei troep tussen de haren van de olifant en dit mag er allemaal uit. Het gespetter met water is natuurlijk altijd een feest, maar Mats vindt het echt prachtig om de olifant te aaien, kusjes te geven en water over hem heen te gieten. Wat een onwijs gave ervaring dit!

Als we terugkomen van het badderen, staat de lunch al op tafel. Het smaakt mij prima, de jongens eten alleen rijst met worst en genieten daarna van een lekker bolletje ijs. Nu is het programma van vandaag afgelopen, het was echt fantastisch! Zo mooi om te zien hoe een olifant een heerlijk leventje kan leiden en een beetje te mogen helpen om dit mogelijk te maken! Als wij de spullen in de tas stoppen, begint het keihard te regenen. We moeten nog even wachten op de tuktuks en in de tussentijd gaat het alleen maar harder onweren en regenen. Van de vijf stappen van het huis naar de tuktuk ben ik doorweekt en onderweg zien we grote stukken weg blank staan. Dit betekent helaas ook dat we straks niet kunnen zwemmen. Het is nu half 3 en tot 4 uur zouden we de olifanten in de rivier moeten kunnen zien, vanuit het zwembad. Maar als we terug zijn in het hotel, zien we de laatste olifanten de rivier uitlopen, ook gevlucht voor het slechte weer. Op het balkon worden we ook nat, de regen waait dwars voor het hotel langs. We gaan maar even in de lobby zitten en bestellen wat te drinken. Mats gaat even slapen in zijn tentje.

Gelukkig klaart het weer wat op en ik ga met m'n moeder een rondje lopen langs de souvenirwinkeltjes. Helaas hebben deze ook bijna allemaal de deur op slot gedraaid met het noodweer. Ik scoor wel een paar mooie olifanten-nek-knuffels voor de jongens, maar we gaan morgen nog wel even terug. Als we terugkomen is het in ieder geval helemaal opgehouden met onweren, dus we kunnen gaan zwemmen. De regen heeft het zwemwater helaas erg afgekoeld. Mats springt wel in het water, maar gaat er direct klappertandend weer uit. Christiaan gaat met hem douchen en m'n moeder, Stan en ik genieten weer van het uitzicht op de rivier terwijl het donker wordt. De vliegende honden komen ook weer tevoorschijn en vliegen in grote aantallen langs. Als het bijna donker is gaan wij ook douchen en dan gaan we naar het restaurant. Hier zitten een paar medewerkers een spel te spelen. Het lijkt op een combi van biljarten en sjoelen en wij kijken even hoe het spel gespeeld wordt. We worden uitgenodigd om mee te spelen, erg leuk om zo het spelletje te leren. Ondertussen bestel ik wat te eten. Als de jongens ons alleen laten met het spel, komt het eten al op tafel. We weten dus niet wie er zou winnen, maar het wachten ging zo wel erg snel. Het eten smaakt gelukkig een stuk beter dan gisteravond. Na het eten willen de jongens weer naar bed, het is al bijna 9 uur en ze zijn bekaf. Wij zitten daarna nog lang bij mijn moeder op 't balkon, genieten van ons laatste avondje Sri Lanka.

De laatste dag blijven we in het hotel tot we om 16 uur worden opgehaald door een taxibusje. Tijdens het ontbijt zien we de eerste olifanten de rivier inlopen. We kijken even toe, maar ze blijven erg ver weg. Als we onze zwemkleren aantrekken, komen er al meer olifanten de rivier in en ze komen ook wat dichterbij. We zien de olifanten vanuit het zwembad, wat een luxe! Het is een prachtig gezicht om de olifanten in de rivier te zien lopen en spelen. Een paar olifanten worden met een ketting vastgelegd, maar de meeste olifanten kunnen wel vrij bewegen. We kijken vanuit het zwembad, van dichterbij en vanaf ons balkon, hier kunnen we geen genoeg van krijgen. Tegen 12 uur gaan de olifanten weer terug naar de opvang voor hun lunch. Wij gaan een rondje lopen langs de souvenirswinkeltjes. We eten een ijsje en kopen wat leuke shirtjes, sleutelhangers en kettinkjes. Vooral de jongens zijn er dolgelukkig mee. We eten nog een ijsje en lopen dan terug naar het hotel voor de lunch. Na de lunch gaat m'n moeder weer olifanten kijken met de jongens, terwijl Christiaan en ik de koffers inpakken en nog snel even douchen. We eten nog wat aardbeien bij de olifanten en dan begint het weer te regenen. De mahouts brengen de olifanten nu weg voordat de onweer begint en zo nemen we afscheid van de olifanten terwijl het noodweer losbreekt. Een mooi moment om te vertrekken.

Tijdens de rit van 2 1/2 uur naar de luchthaven zien we nog een keer Sri Lanka: de chaotische wegen met tuktuks, brommers, auto's en bussen; de rijstvelden en landbouwgrond; de huizen waarvan meestal alleen de benedenverdieping gebruikt wordt; de tempels van boeddhisten en hindoes die naast moskeeën en kerken staan; de winkeltjes die van alles en nog wat verkopen en de prachtige kleding met als meest bijzondere stuk de vetrollenjurk. Op de luchthaven aangekomen, kunnen we direct doorlopen. We zijn al ingecheckt en de controles gaan erg snel. Zo houden we nog tijd over om onze laatste Sri Lankaanse roepies uit te geven. Helaas wordt op de luchthaven alleen in dollars gerekend en moeten we met een creditcard betalen. We eten nog wat en dan gaan we naar het vliegtuig. We vliegen pas om 21.25 uur en de jongens houden het gelukkig goed vol. Tijdens de vlucht naar Mombai slapen wij allemaal een beetje. We gaan als een van de laatsten van boord en wachten op de wandelwagen. Dan worden we met de bus naar de luchthaven gebracht. Ondanks dat we al digitale boardingpassen hebben, worden we gewijzigd bij de transfer controle. We moeten geprinte boardingpassen hebben. En als ik die heb geregeld, word ik teruggestuurd voor stempels. Het schiet allemaal niet op, maar uiteindelijk mogen we - mannen en vrouwen gescheiden - door de controle. Dan gaan we koffie drinken en dan eindelijk... gaan we naar het KLM vliegtuig. De jongens vonden Jet Airways prima, maar het blauwe vliegtuig is duidelijk favoriet. We vliegen hiermee in ruim 8 uur naar Schiphol. Mats slaapt al voordat we opgestegen zijn. Stan kijkt net als ik eerst nog een filmpje. Eten hoeven we niet meer. Als het licht wordt uitgedaan, gaan wij ook maar even slapen. De vlucht verloopt rustig en als we wakker worden kijken we nog een filmpje voordat we ontbijten en de landing wordt ingezet. Patricia komt ons ophalen en dan zit de vakantie er echt helemaal op!

donderdag 10 mei 2018

Met de kids in de trein door Sri Lanka - van Ella naar Nanu-Oya

De laatste ochtend in Ella genieten we nog even van het prachtige uitzicht over de ‘Ella-gap’. Een prachtig uitzicht, maar veel meer heeft het hotel van Buddhi ons niet te bieden. We krijgen wel weer een lekker ontbijtje en dan rijdt er een busje voor. Het busje brengt ons naar het station in Ella en haalt ons in Nanu-Oya op, om ons daarna naar Nuwara Eliya te brengen. Zo hoeven wij niet op de bagage te letten in de trein en hebben we meteen het vervoer van en naar het station geregeld. Kost een paar roepies maar dan heb je ook wat. In ieder geval een hele vriendelijke chauffeur. 

We zijn ruim op tijd op het station en moeten nog een half uurtje wachten voordat de trein arriveert. Dit is geen straf, er is veel te zien. Het stationnetje is redelijk oud en kent, net als in de trein, een duidelijke klasse-indeling. De meeste toeristen gaan naar rechts richting de 1e klasse en de locals gaan naar links voor de 3e klasse. WIj hebben kaartjes geboekt voor de 2e klasse met een stoelreservering. We mogen dus in het midden van het station blijven wachten. Je kunt hier zo de spoorrails oplopen om een paar foto’s te maken en zoals overal op toeristische hotspots komen we andere Nederlanders tegen. Vlak voor de geplande vertrektijd wordt er een ouderwetse bel geluid en wordt het traject van de trein omgeroepen. Helaas komt er dan nog geen trein. Maar met nog geen 10 minuten vertraging rolt de trein binnen in Ella. Wij vinden onze stoelen in een bijna lege wagonruimte. Er zit nog 1 stel in en er zijn 10 banken. We zetten de ramen open (dat kan dus in de 1e klasse met airco niet) en hangen uit het raam als we uit Ella wegrijden. 

Ella ligt op ruim 1.000 meter boven zeeniveau en we reizen tot 1.850 meter hoogte en dan weer iets omlaag naar Nanu-Oya. We hebben direct na Ella al een prachtig uitzicht over de vallei, met natuurlijk de prachtige Ravana waterval. Daarna rijden we langs de bergen omhoog, met zicht op het prachtige groene Sri Lanka. We rijden door en langs dorpjes waar we zo bij de mensen in de achtertuin kunnen kijken. Zo krijgen we een goed beeld van de traditionele levenswijze van de Sri Lankanen. Wassen en groente verbouwen zijn de dagelijkse bezigheden die we veel zien terugkomen. Overal zie je tuktuks en natuurlijk de vele theeplantages. Vrouwen die theeblaadjes plukken of in de schaduw pauzeren. We stoppen bij alle kleine stationnetjes, waar meestal alleen maar mensen instappen in de derde klasse. Het spoor is grotendeels 1-baans, bij een groter station passeren we een tegemoetkomende trein. Nu kunnen we goed zien hoe de derde klasse eruit ziet: Donkere wagons waar de mensen opeengepakt zitten en staan. De enkele blanke toerist die tussen de vele locals zit, zien we met een doekje voor de neus zitten. Wij kunnen vanuit de 2e klasse niet naar de 3e klasse lopen (en andersom dus ook niet). Dit voelt toch best raar, wat een verschil, wat voor de locals toch ook niet prettig kan voelen. 

De reis duurt ruim 3 uur en verveelt geen moment. Op een groter station komt er een grote groep Sri Lankanen en een Brits stel onze ruimte binnen. Wij moeten onze banken met alle open ramen afstaan, maar houden nog genoeg ruimte over om lekker uit het raam te hangen. Stan en Mats vinden dit ook het leukste van alles. Mats zit uiteindelijk bovenop een stoel en Stan staat op een bank. Dit mag niet van de conducteur, maar die komt gelukkig niet zo vaak langs. Het mooiste vinden de jongens de tunnels, waar we er een stuk of 15 van tegenkomen. Pikdonker is het in die tunnels, waarin ze natuurlijk niet met hoofd en handen naar buiten mogen. Zodra we weer de tunnel uit zijn, steken ze hun koppies weer uit het raam. De Sri Lankaanse medereizigers vinden dit duidelijk ook erg leuk en er worden veel foto’s van de jongens gemaakt. We genieten alle vijf volop van deze treinreis, er is zoveel te zin. Als we bovenin de bergen zijn, begint de lucht te betrekken en even later regent het hard. Helaas moeten de ramen nu wel dicht. Ik open ze af en toe nog om wat foto’s te schieten, maar het landschap is lang niet zo mooi in de wolken. We zijn nu wel al bijna in Nanu-Oya en we eten snel de meegenomen koekjes op en ruimen onze spullen op. 

In Nanu-Oya stappen veel mensen uit, vooral de toeristen. Het is best een groot station, waar we zelfs via een brug over de spoorrails lopen. Als we het station uitlopen staat onze chauffeur voor onze neus. Hij heeft de bus iets verderop geparkeerd en we worden flink nat voordat we de bus instappen. Het is nu nog 20 minuten rijden naar ons hotel. Nuwara Eliya is een uitvalsbasis voor een paar prachtige wandelingen in de bergen. Maar het is vooral bekend als Little England, niet alleen vanwege het regenachtige klimaat. De Engelse kolonisten brachten de theecultuur hier tot leven en in veel grote sjieke hotels kun je genieten van een echte High Tea. Dit lijkt ons met de kinderen geen goed idee. We gaan eerst naar het hotel waar we direct na het inchecken wat te eten voor de lunch bestellen. Het is al twee uur en we hebben best honger. Het koken duurt een half uur dus we hebben alle tijd om het grote Engels huis te bekijken. Er zijn 3 hotelkamers en een grote gezamenlijke ruimte met een heerlijk bankstel. Vanaf de bank kijk je tot in de nok van het huis. Rondom zijn balkonnetjes en het hele huis is voorzien van prachtige houten vloeren. Een plaatje van een huis, mooi onderhouden ook. En de bedden met warme dekens zien er ontzettend comfortabel uit! 

Voordat het eten klaar is, loop ik alvast naar beneden om het vervoer voor morgen te regelen. We blijven hier maar een nachtje en hebben dus een taxibusje nodig. Terwijl ik dit uitleg aan een van de medewerkers, wijs ik naar een bordje. Met deze beweging sla ik een bord met pasta uit de handen van een andere medewerker die net aan komt lopen. Hij kijkt verschrikt en boos, daar gaat een half uur kookwerk. Gelukkig was het mijn eigen bord eten en we laten alles toch maar op tafel zetten. Het eten smaakt wel ok, de broodjes kaas van Mats en mijn moeder smaken prima, mijn resterende pasta is smaakloos. We besluiten vanavond ergens anders te gaan eten. Na het eten gaan we naar boven, waar m’n moeder Mats in bed legt. Hij gaat zowaar even een tukkie doen. Wij zitten lekker op de banken en Stan zit een filmpje te kijken. Ik zoek een restaurantje voor de avond, wat nog niet meevalt. M’n moeder wil eigenlijk geen rijst meer en de kinderen zijn daar ook geen fan van. Dan blijven alleen de luxe Engelse hotel-restaurants over, waar ik niet naar toe wil met de jongens. Uiteindelijk vind ik nog een heel nieuw familie-restaurant dat goede recensies krijgt. Die gaan we even testen!

Als Mats weer wakker is en Stan z’n filmpje los kan laten, maken we ons klaar om op pad te gaan. Er worden twee tuktuks gebeld en die brengen ons naar het restaurant dat zij bij de tuktuk chauffeurs niet bekend is. Ze brengen ons toch naar het Grand Hotel, wat in dezelfde straat ligt. Met Google Maps loos ik de tuktuk toch naar het juiste restaurant. Dit is een sfeerloos hok wat officieel nog niet open is. We worden wel hartelijk welkom geheten en de kinderen krijgen direct een kleurplaat. We bestellen het eten en verbazen ons over het gebrek aan andere gasten. Op een groepje van 4 mensen na, zijn we vanavond de enige klanten. Het eten is verrassend lekker, het wordt zoals de naam ‘The Sizzle’ al beloofd, sissend heet opgediend. Alleen de patat is vies en slap, maar gelukkig smaken de kipnuggets de kinderen ook prima. We bestellen ook nog een sissling toetje: ijs en brownies die in sissend hete chocoladesaus worden geserveerd, heerlijk! Na het eten krijgen de kinderen nog een ballon en even later stappen we blij in de tuktuks naar het hotel. Daar gaan de kinderen lekker slapen. Wij zitten nog even in de woonkamer en gaan dan ook op tijd slapen. Gelukkig maar, want we zijn op tijd wakker. De gordijnen houden de zon niet tegen. 

We krijgen een heerlijk ontbijt en pakken de koffers weer in. Het regent alweer, gelukkig blijven we hier niet langer. Een busje komt ons om 11 uur ophalen. De route van vandaag is vrij lang maar prachtig. We rijden direct door de theeplantages, die hier nog indrukwekkender zijn dan vanuit de trein. Tussen de theeplantages zien we overal kleine stukjes landbouwgrond waar mensen hard aan het werk zijn. Langs de weg staan talloze groentestalletjes en we kopen zelfs wat verse aardbeien. We stoppen bij een waterval en de chauffeur laat ons ook uitstappen bij een te toeristische handwerkwinkel met allerlei houten beelden. Hij loodst ons wel direct door de winkel heen naar een trap die naar het dak leidt. Een heel goed idee want het uitzicht is bizar mooi. Ongelooflijk, hier kunnen we echt een tijd naar kijken. Watervallen, theeplantages, een meer, landbouwgrond, bijzondere gebouwen, er is zoveel te zien! Helaas vinden de jongens het veel te warm, dus na een paar minuten ga ik met de jongens de winkel in. Christiaan en m’n moeder krijgen nog wat uitleg van de chauffeur, terwijl ik met Stan een prachtig souveniertje voor hem uitkies. Even later rijden we weer verder. 

We zijn gewisseld van stoel en Stan zit nu bij Christiaan achterin de bus. Hij heeft wel een reispilletje gegeten, maar na een kwartiertje meldt hij dat hij zich niet lekker voelt. Even de auto uit lucht al op en dan mag hij van de chauffeur op de voorstoel zitten. Dit helpt zeker en hij vindt het maar wat leuk om alles goed te kunnen zien. Mats zit direct achter ons en die wil uiteraard ook naar voren, helaas. We rijden verder naar een restaurantje, wat nog even op zich laat wachten. De restaurants waar we langs rijden serveren alleen lokaal eten, wat volgens de chauffeur veel te ‘spicy’ voor ons is. Het restaurant waar hij ons uiteindelijk naar toe brengt is een soort megakantine, maar ze serveren wel tosti’s en patat. Dit smaakt gelukkig prima. Mats kijkt zijn ogen uit, de mensen eten hier rijst met hun handen! Hij gaat brutaal bij een tafeltje staan kijken, oeps. Na een uurtje rijden we weer verder, nog anderhalf uur te gaan. Stan is lekker opgeknapt van het eten. Het is inmiddels gaan regenen en dit gaat flink hard. We rijden door veel dorpjes, zien talloze bouwmaterialen winkeltjes. Ieder winkeltjes is in een ding gespecialiseerd. Je kunt alles kopen maar waar?  Het is best druk op de weg en erg hard rijden we niet, maar dat geeft niet als je ogen tekort komt. 


Even voor 4 uur komen we aan in Pinnawela, waar ons laatste hotel staat. Hier vertel ik morgen over, maar het is vooral een huis van de olifanten! 

maandag 7 mei 2018

Een dagje rondom Ella

De laatste ochtend bij Max Safari Villa worden we erg vroeg wakker. Gister de wekker om 5 uur, vandaag vindt Mats 6 uur een mooie tijd om kleren aan te trekken. We weten hem nog een uur zoet te houden met filmpjes, Stan wordt nogal boos als hij blijft praten. Terwijl de jongens een filmpje kijken, suffen wij tot half 8 door. Dan is het tijd om nog even te douchen en de koffers in te pakken. Om 9 uur krijgen we een lekker ontbijt en om 10 uur staat de chauffeur voor ons klaar. De jongens vinden het duidelijk jammer dat we Max gaan verlaten, ze vonden het hier erg leuk, vooral omdat er continu gewerkt werd aan nieuwe kamers. 

We rijden vandaag naar Ella, de bergen in. We rijden langs het Udawalawe nationaal park en zien zowaar nog een olifant en wat aapjes. Doordat we zo vroeg wakker werden, ben ik erg moe. Ik kan mijn ogen dan ook niet open houden. De chauffeur stopt onderweg bij een bank om wat geld te halen, dan word ik goed wakker. We zien prachtige rijstvelden onderweg, afgewisseld met kleine theeplantages. Uiteindelijk rijden we echt de bergen in. We verbazen ons over de chauffeur die alleen maar in versnelling 4 wil rijden en raar opkijkt als de bus dan nauwelijks de berg op wil. Inhalen is er niet bij in die versnelling, het is nog een wonder dat de motor niet afslaat. 

Vlak voor Ella rijden we langs de Ravana Falls, een gigantische waterval die drukbezocht wordt. Met enige moeite vinden we een parkeerplaats. De chauffeur blijft in de auto terwijl wij naar de voet van de waterval lopen, in de bocht van de doorgaande weg. Het is een mooi gezicht, er komt flink veel water uit de bergen. Er staat een groot bord met ‘up-to-date dead casualties = 36’ maar toch wagen diverse mannen zich in de waterval. Wij blijven op een uitzichtpunt. We hoeven alleen maar heel vaak nee te zeggen tegen straatverkopers, daarvan lopen er genoeg. Na een kwartiertje gaan we terug naar de bus en dan is het nog een kwartier rijden naar Ella. 

De chauffeur is geregeld door het hotel, maar weet helaas niet waar we moeten zijn. Hij zoekt en vraagt en uiteindelijk vindt hij het weggetje de berg op. Dit weggetje is vrij steil en erg smal, maar met wat manouvreren komen we boven bij een bord van Ella Mountain View Guest Inn. Hier is alleen maar een trap naar beneden en half afgeronde bouwwerken. Ik loop de 5 trappen af naar beneden en vind na enig zoeken de eigenaar van het hotel, Buddhi. Het is eigenlijk een Home stay en supersimpel. Buddhi en zijn broer (of vriend?) brengen alle spullen de 5 trappen af. Het uitzicht is fantastisch en daar komen we voor. We krijgen koffie en thee en de koffers worden in de kamers gezet. 

Helaas kunnen we verder niets krijgen, dus overleggen we wat we doen voor de lunch. M’n moeder gaat even op bed liggen en wij lopen naar het dorpje. Na de 5 trappen ben ik buiten adem, zou het door de hoogte komen? Gelukkig is het dorpje niet ver als je over het spoor loopt. We wandelen over de bielzen naar het stationnetje. Over het spoor lopen is in Sri Lanka heel gewoon, we zien meerdere mensen deze route nemen. Stan en Mats vinden het maar raar maar lopen even later vrolijk mee. We gaan eerst naar het station om de treinkaartje voor overmorgen alvast op te halen. Helaas krijg ik die zonder paspoort niet mee. Dan wandelen we verder, om vervolgens met een Tuktuk naar een door mij vooraf uitgekozen restaurantje te rijden. In AK Restori serveren ze van alles. We zijn laat voor de lunch maar van harte welkom. De drankjes en de patat voor de kinderen zijn er snel en zijn ook snel op, er is honger! Onze broodjes laten vervolgens nog drie kwartier op zich wachten, maar smaken erg goed. We lopen nog een stukje door het dorpje, kopen een watermeloen en ijsjes en nemen dan de Tuktuk terug naar boven naar het hotel. De eerste Tuktuk kan de berg niet op, dus wordt er een andere bijgeroepen die de steile helling wel opkomt met ons achterin.

Bij het hotel is toch eigenlijk weinig te beleven. Ja het uitzicht is mooi en veranderd door de wolken continu. Maar er is geen stoel die lekker zit en dankzij de werkzaamheden van de buren is er nogal veel herrie. M’n moeder wil wel mee voor een drankje en diner in het dorp, dus laten we twee taxi’s komen. We gaan naar het Chill café waar je inderdaad heerlijk kunt chillen, wat kunt drinken en eten. Een typisch backpackers restaurant/café! Er zijn 3 verdiepingen en de bovenste is ingericht met zitzakken. Helaas is er geen plekje meer vrij voor ons, dus gaan we op de 2e zitten. Mats heeft duidelijk alweer honger en we verwachten dat het eten weer lang op zich laat wachten. We bestellen hamburgers, broodjes en pasta en moeten inderdaad even wachten. Maar nu zijn we daarop voorbereid en met autootjes en ander speelgoed vermaken we de jongens tot het eten gebracht wordt. Dit smaakt verrassend goed. Na het eten spelen we nog even en dan nemen we weer een taxi terug naar het hotel, waar we allemaal op tijd in bed liggen. 

Vanaf hier schrijft Stan een beetje mee, dus het verhaaltje is lekker gedetailleerd ;)
Vanmorgen wilden we rustig aan doen, maar helaas waren de jongens weer vroeg wakker. De gordijnen hielden dan ook geen zonnestraal tegen en het wordt al voor 6 uur licht. Toen ook de trein toeterend langs kwam, zat Mats rechtop in zijn tentje. Opnieuw mocht hij even een filmpje kijken bij ons in bed. Stan lag bij oma, ook al vroeg met zijn fotocamera te spelen. Om 8 uur kwam hij bij ons en keken de jongens samen nog even een filmpje. Om 9 uur werd het ontbijt geserveerd. Een tafel vol, met vooral erg lekkere pannenkoeken. Tijdens ons ontbijt kwam er een wesp langsvliegen. Die vloog erg langzaam doordat hij een rups in zijn pootjes had. Buddhi hielp ons bij het regelen van de treinreis morgen, we hebben weinig zin om op onze bagage te letten. Een chauffeur gaat dit voor ons regelen. 

Na het ontbijt kwam het dochtertje van de eigenaar even bij ons kijken. We deden lekker relaxed. Na een flinke insmeer beurt was het tijd om wat te gaan doen. Buddhi bestelde twee tuktuks voor ons, zodat we naar de 9 Arches Bridge konden gaan. De chauffeurs overlegden uitgebreid over wat het ritje moest kosten, we wilden graag dat ze op ons zouden wachten. Uiteindelijk vroegen ze 7,50 euro per tuktuk. M’n moeder wilde niet te ver lopen, dus was de keuze voor de tuktuks ideaal. Waar alle busjes op de parkeerplaats moesten stoppen, konden wij doorrijden tot bij een glibberig pad de berg af. Hier konden we de brug al zien. Het paadje door het bos zag er niet echt toegankelijk uit. M’n moeder besloot van het uitzicht te gaan genieten en de Tuktuk chauffeur pakte Mats op. Hij accepteerde dat zowaar en nu gingen we maar op pad. Het was maar zo’n 200 meter lopen en klauteren door het bos, maar ik was blij dat Mats gedragen werd door de chauffeur. Het pad kwam uit bij de spoorbrug. Dit is een hele oude brug die helemaal van stenen is gebouwd met jaja, 9 bogen. Een mooi gezicht! Naast de trein is een theeplantage en daar werden zowaar theeblaadjes geplukt. 

Na een paar eerste foto’s van het mooie uitzicht op de brug, liepen wij net als heel veel andere mensen over het spoor over de brug. Aan de andere kant van de brug was een tunnel, maar die vonden Stan en Mats te donker. We konden wel goed zwaaien naar oma. Stan ging aan de politie agent vragen wanneer de trein zou komen. Gelukkig hoefden we maar een kwartier te wachten. Met een fles water en koekjes was dat zo voorbij. Voordat de trein kwam, liepen we weer terug over de brug. De trein was al lang van te voren te horen. Hij kwam al toeterend naar ons toe. Er rijden hier geen treinen zoals in Nederland, maar echte ouderwetse dieseltreinen. De locomotief was heel lang en groot. Erachter hingen wagons met mensen die uit de deuren en ramen hingen. Mooi om te zien hoe de locomotief over de brug reed. 

Toen de trein voorbij was, zagen wij onze tuktuk chauffeur niet meer. Christiaan tilde Mats daarom maar op en ik hielp Stan het pad op. Na vijf meter had de tuktuk chauffeur ons wel gevonden en hij liep achter Christiaan aan. Mijn moeder had gezelschap gekregen van de andere tuktuk chauffeur die helaas geen woord Engels sprak. Maar het uitzicht was mooi! We gingen weer terug naar de tuktuk, waar de chauffeurs druk aan het overleggen waren. Er stonden andere mensen bij de tuktuks te wachten, maar gelukkig waren die van ons. Het was weer een hele wandeling terug naar de parkeerplaats. De weg ging nu vrij steil omhoog en een van de tuktuks kon dat niet aan. Dus werden mijn moeder en de jongens in een tuktuk gezet en Christiaan en ik in de andere. ‘If he stops, you have to walk’ zei de Engelssprekende chauffeur. Lekker dan! En inderdaad, na ruim 100 meter stopte onze tuktuk. Christiaan en ik mochten nu de steile berg zelf oplopen. Gelukkig konden we daar weer in de tuktuk van bijkomen terwijl we naar een restaurantje werden gebracht. Met een flinke fooi voor de Engelssprekende en Mats dragende chauffeur namen we afscheid. Wij genoten van een lekkere lunch. 


Een van de restaurantjes en bracht mijn moeder en de jongens met een tuktuk terug naar het hotel, terwijl Christiaan en ik nog wat boodschappen en treinkaartjes gingen halen. Toen we net de straat op liepen, begon het keihard te regenen en te onweren. M’n moeder en de jongens waren net op tijd terug bij het hotel, maar wij liepen in een zeiknat dorpje. Bij het treinstation kregen we met enige moeite de vooraf bestelde treinkaart mee, nu hoeven we morgen niet in de rij te staan. Het goot nu echt keihard, maar we waren al bijna bij het hotel. Zeiknat kwamen we daar aan, maar het was wel een lekkere wandeling. Helaas was de stroom uitgevallen. Nu zitten we alweer een paar uur naar de regen te luisteren. Er valt zoveel regen dat de waterval, die we gister bezochten en mooi wit was, nu vies bruin en nog veel groter is. Gelukkig doet de stroom het wel weer. Straks gaan we weer een hapje eten in een restaurantje in het dorpje. We worden morgen vast weer vroeg wakker gemaakt, dus we gaan op tijd naar bed. In afwachting van wat de mooiste treinreis van Sri Lanka moet worden! 

zaterdag 5 mei 2018

Olifantjes bekijken in Udawalawe

Helaas begint de vrijdagochtend niet zo goed als ik wilde. Mijn moeder was gister niet fit en de nacht is ook niet goed verlopen. Terwijl Christiaan de kinderen klaar maakt voor het ontbijt, regel ik een Tuktuk naar Tangalle. Op advies van de hoteleigenaar gaan we naar een privé kliniek. M’n moeder en ik rijden er in 20 minuten heen, maar helaas zijn we op het verkeerde adres. We geven nogmaals aan dat we naar het private hospital willen en dan brengt de Tuktuk ons naar het gewone ziekenhuis. Hier zijn we zeker verkeerd. Wat een chaos en armoede! We rijden weer weg en gelukkig zie ik iets verder het logo van de juiste kliniek. We hoeven niet lang te wachten en na een kort gesprekje met een dokter krijgt m’n moeder 5 medicijnen voorgeschreven. Kost wel 3 euro, met nog 10 euro voor het consult een diepte investering. Nu maar hopen dat het snel helpt! 

We tuktukken terug naar het hotel waar we nog een ontbijtje krijgen. Christiaan en de kinderen zijn inmiddels omgekleed en klaar om te gaan zwemmen. We mogen gelukkig een kamer houden tot we om half 2 worden opgehaald, dus we kunnen rustig nog even zwemmen, op het balkon genieten van het mooie uitzicht en onze watermeloen opeten. Nog voor half 2 staat de bus klaar en laden we de koffers in. Het is nog geen 2 uur rijden naar Udawalawe Nationaal Park, waar het hotel vlakbij ligt. We rijden van dorpje naar dorpje over hele rustige wegen en het landschap is weer prachtig. De chauffeur is geregeld door het hotel, dus we hoeven dit keer gelukkig niet te zoeken. Max Safari Villa is een soort luxe homestay, Max is de regelaar, zijn ouders koken en zijn continu aanwezig en hij heeft nu 3 kamers. Met airco, gelukkig, want het is echt bloedheet. Er worden twee bungalows bijgebouwd en Stan en Mats kijken rustig toe hoe er hard gewerkt wordt.

We bespreken ons plan voor deze dagen met Max, hij adviseert ons om vandaag nog naar de Elephant Transit Home te gaan. Dit olifanten opvang centrum is het enige centrum in Sri Lanka waar wees-olifantjes of olifantjes waarvan de moeder is weggelopen worden opgevangen. De olifantjes leven in de jungle en komen 5 keer per dag melk drinken in het Transit Home. Rondom deze voedertijden kun je het centrum bezoeken. We wandelen er op tijd heen en eten nog een ijsje. Het centrum gaat helaas echt pas open als het voedertijd is, dus we moeten nog even wachten. Het is helemaal niet druk, we zijn maar met een stuk of 15 andere toeristen. Na het betalen van de entreebewijzen gaan we op een soort tribune zitten. Hiervandaan hebben we prima zicht op de olifanten die in groepjes van 4 worden toegelaten tot de melkafgifte. Daarna kunnen de olifanten genieten van wat vers gesneden bladeren. Als alle olifanten melk hebben gehad, worden ze weer weggejaagd. Het duurt maar een half uurtje, maar het is leuk om de olifanten zo te zien. Aangezien de wandeling naar het centrum toch best lang bleek te zijn, nemen we terug een Tuktuk. 

Terug bij het hotel is er nog net tijd om te douchen, voordat het eten wordt geserveerd; een Sri Lankaans rijstbuffet. De kinderen en m’n moeder eten wat rijst met fruit en Christiaan en ik eten van alles een beetje. Het smaakt prima, zelfs groenten die ik in Nederland niet hoef zijn hier best lekker. Het eten wordt wel bijna koud opgediend, wat hier heel normaal is maar waar wij niet aan kunnen wennen. Na het eten brengen we de kinderen naar bed, morgen moeten we weer vroeg op. Wij blijven nog even kletsen met een Spaans stel die vooral benieuwd zijn hoe het is om met kleine kinderen te reizen. Altijd leuke gesprekken! 

Vanmorgen ging de wekker extreem vroeg. Om 5 uur werden we wakker om om half 6 te vertrekken voor de safari. Gelukkig was mijn moeder genoeg opgeknapt om mee te gaan. Allemaal kleren aan en gaan! Dit duurde ietsje langer maar om kwart voor 6 reden we toch echt in de safari-auto richting het nationale park. De safari parken staan hier vooral bekend om de goede mogelijkheid om olifanten in het wild te spotten. Verder zou het een tegenvaller zijn in vergelijking met safari’s in Zuid-Afrika, in veel reviews wordt aangegeven dat je vooral andere safari-auto’s ziet. Maar een prima eerste safari-mogelijkheid voor de kinderen, en wij zien vast ook wel wat leuks. Het is een kwartiertje rijden naar de ingang, waar Christiaan in de rij mag voor een toegangskaart. Als we dan eindelijk op weg zijn, de zon is inmiddels al helemaal op, moet de chauffeur ons nog inschrijven bij het hek. En dan mogen we eindelijk echt op safari! 

Al na 100 meter zien we verderop in de bosjes de eerste olifant. Even later rijden we tussen de waterbuffels door, die lopen op de weg en langs de auto’s. Voor Stan en Mats zijn dit koeien en die vinden ze prachtig. Iets verderop ligt een groep waterbuffels in een vijver een modderbad te nemen, dit is echt een leuk gezicht. Gelukkig valt het met de hoeveelheid safari-auto’s wel mee. Het eerste kwartier zien we er nog een paar en daarna nauwelijks meer. De chauffeur laat ons heel even naar de eerste olifant kijken en rijdt dan verder naar een klein meertje. We spotten al snel een mini-krokodil en mooie vogels. 

Aan de andere kant van het water lijkt een steen te liggen, wat een dode waterbuffels blijkt te zijn. Dat ruiken we als we dichterbij komt, ongelooflijk die stank. Toch zet de chauffeur de auto stil, het is ook wel een mooi gezicht dat dode beest met een vogel erop. Als er ook een krokodil aan komt zwemmen, wordt het plaatje nog mooier. De vogel houdt de krokodil goed in de gaten en vliegt ervandoor als deze te dichtbij komt. De krokodil neemt dan genoegen met een hap dode waterbuffel. Het beest ligt er al een week en nadat de krokodil onder water aan het beest scheurt, is de lucht helemaal niet te harden. Maar het is wel een mooi gezicht hoe de krokodil een hap koe verorbert, ook de jongens vinden dit mooi om te zien. Als de krokodil nog een hap neemt worden we lichtelijk onpasselijk en vragen we de chauffeur door te rijden. 

We rijden nu rustig aan een rondje door het park en zien heel veel dieren. Er leven ruim 500 olifanten en heel veel pauwen in het park. Om de haverklap zien we wel zo’n mooie vogel in het gras of op een dode boomtak, van jong tot oud. Er vliegen nog veel meer mooie vogeltjes in het rond, van parkietjes tot roofvogels. We zien twee soorten apen, de schattige zwarthoofd aapjes en de brutale makaken die ons dak onder poepen. Nog meerdere keren zien we waterbuffels en olifanten. Een uil, een neushoornvogel, een overstekend hert, iedere paar minuten is er wel iets te zien. En tussendoor is het landschap ook prachtig. Veel afwisselender dan in Zuid-Afrika, het ene moment rijd je tussen de dichte struiken of langs een meertje en even verderop is er veel minder begroeiing en kun je weer beter dieren spotten. Nee, er is geen Big 5 te vinden, maar wij vinden deze safari evengoed fantastisch! 

Kers op de taart is een viertal olifanten, waaronder een baby, die heel dicht bij de auto blijven eten. We kunnen ze nog net niet aanraken, maar wat is dit mooi. Een flinke flashback naar Zuid-Afrika krijg ik bij het zien van een olifantenpiemel. In 2010 was het Laura die hier zwaar van onder de indruk was, nu zijn het mijn moeder en Stan. Vooral Stan vindt het reuze interessant en hij verbaast zich erover dat de piemel ingeschoven wordt. Je moet het een keer zien, ik zal de foto’s achterwege laten... Hierna rijden we het park weer uit, we hebben onze 4 uur makkelijk vol gemaakt. De autostoelen achterop een terreinwagen zitten niet lekker meer, maar we hebben allemaal een mooie ochtend gehad. 

Bij het hotel krijgen we nu een ontbijt, wat ook meteen onze lunch is. Dit smaakt erg lekker, er zijn pannenkoekjes, roti, vers fruit en gebakken eieren. Helaas blijkt het stroom niet te werken, er wordt ergens een transformator vervangen. Hierdoor werkt natuurlijk ook de airco niet. In het park was het nog bewolkt en koel, maar na het ontbijt gaat de zon schijnen en wordt het weer bloedheet. M’n moeder gaat nog even op bed liggen en ik probeer Mats ook zover te krijgen dat we even gaan slapen. Maar helaas, hier heeft hij geen zin in. Als het echt te warm wordt, brengt Max ons naar een hotel in de buurt waar we kunnen zwemmen. Het eerste hotel van Udawalawe, 25 jaar geleden geopend en een schoolvoorbeeld van vergane glorie. Er lopen nog tuinmannen rond, maar er moet nodig groot onderhoud plaatsvinden. Het zwembad kan nog net en is lekker verkoelend. Vooral Mats houdt het heel lang vol in het water, er is een pierebadje waar hij lekker in kan springen. Na een paar uur horen we de onweersklappen en lijkt de regen dichterbij te komen. We drogen ons af en kleden ons aan, om daarna met een paar tuktuks weer naar het hotel te gaan. 

De regen zet niet door en het is nog steeds bloedheet, we hebben ook nog geen stroom. We krijgen wel weer wat trek en daarom neem ik Stan mee naar een winkeltje verderop. Mats is erg boos dat hij niet mee mag, maar ik verwacht een stukje te moeten lopen. Dan blijkt er aan het eind van het straatje al een winkeltje te zitten, waar Stan mag uitkiezen wat we meenemen. Het vrouwtje in het mini-winkeltje vindt Stan duidelijk erg leuk, ze roept zelfs haar kinderen erbij en knijpt hem in zijn wang waar hij lekker verlegen van wordt. Hij kiest wat chips en nootjes voor papa en een cake met roze bovenkant voor zichzelf. Als we terugkomen heeft Max net een drankje en koekjes op tafel gezet, maar Mats wil ook liever zo’n roze cake. Dus daar ga ik opnieuw met een kind naar het winkeltje. Met nog een zak chips en een cakeje gaan we weer terug naar het hotel. 

Als eindelijk de airco weer werkt, neemt m’n moeder Mats mee naar haar kamer voor een tukkie, wat gelukkig wel werkt. Ik kan rustig even douchen terwijl Stan een filmpje kijkt. Om half 8 is het diner klaar en dan wil Mats eigenlijk niet meer wakker worden. Het eten is vergelijkbaar met gisteravond en het smaakt mij eigenlijk niet zo goed meer. Ondanks alle kruiden lijkt alles op elkaar en de kip vol met botten en de aubergine gaan er vandaag echt niet in. De kinderen en m’n moeder eten ook bijna niets, waardoor meer dan de helft van het eten terug naar de keuken gaat. Sorry... Na het eten mogen de jongens nog heel even een filmpje kijken en dan is het bedtijd. Ook voor ons eigenlijk, we zijn best moe. Ik type nog even een verslagje en we drinken nog wat, voordat de zaterdag hier weer voorbij is. 


Morgen gaan we verder naar Ella, dit ligt hoger in de bergen en daar is het koeler. Hopelijk dat mijn moeder hierdoor snel weer wat meer energie heeft. En dat het droog blijft, want dan kunnen we genieten van een ander mooi uitzicht! 

donderdag 3 mei 2018

Boeddha in een grot en genieten aan het strand

Woensdagochtend gaan de ogen maar met moeite open. De nacht was warm zonder airco. Honden die langs onze kamer liepen en blaften wekten ons veel te vroeg. Om 8 uur gingen we ontbijten en daarna werden de koffers in een busje geladen. We namen afscheid van Badula en zijn familie en reden weer terug naar de kust. Een broer (of vriend, heel vaag!) van Badula brengt ons weg. Hij rijdt in een oud busje zonder airco, maar met de ramen open is goed te doen. Grootste voordeel is de versnellingsbak in plaats van automaat, hierdoor rijden we veel relaxter door de bergen!

Onderweg bezochten we de Mulkirigala Rock Temple. Inderdaad, een tempel in en op een rots. Met de wandeling van gister nog in de benen, werd dit best een uitdaging. Met een graad of 30 en nauwelijks wind was het echt lekker weer voor een wandeling over 430 trappen. Wilden we dit echt? Na de eerste twee flinke trappen besloot mijn moeder niet verder mee naar boven te gaan. Onder het mom van ‘nu we er toch zijn’ besloten wij in ieder geval tot het eerste terras te lopen om een paar grottempels te bekijken. De jongens gaan redelijk fit omhoog, het einde van de eerste trap is al snel in zicht. Maar helaas, dan zijn we pas op de helft. Mats z’n korte pootjes beginnen als eerste op te geven, maar hij bereikt het terras mooi wel. Het zweet gutst van ons af, wat een hitte. We worden beloond met een paar prachtige grottempels vol liggende, zittende en staande boeddha’s. ‘Boeddha ligt in bed, maar ze heeft haar ogen open’, aldus Mats. Ook Stan is onder de indruk, vooral door de grote voeten. De jongens stellen bijzondere vragen: ‘is boeddha nep? Was hij echt jarig? Woont boeddha in een berg?’ Het is in de grot iets koeler dan buiten, dus we blijven rustig rondkijken tot we weer zijn bijgekomen. We krijgen nog een armbandje met ‘good karma from boeddha’ en dan keren we weer terug. We kunnen nog een paar terrassen bekijken, maar het zweet gutst bij ons allevier van ons lijf, dus dat is geen goed idee. De trap naar beneden is vooral voor Mats een uitdaging, maar tussen ons in loopt hij dapper mee. Oma zit lekker op een bankje te lezen en heeft een handdoekje en water klaar liggen. Als we weer helemaal beneden zijn, drinken we een drankje van een straatverkoopster. Mats rent iets te snel voor ons uit naar de bus. Zo bereikt hij als eerste de straatverkopers naast de bus. Ze tillen hem op en willen hem knuffelen, ‘ah cute baby’. ‘Ik ben geen baby meer’ zegt hij snikkend voor hij zich huilend in mijn armen stort. De straatverkopers snappen er niets van :)

We stappen weer in de bus voor het laatste uurtje naar Tangalle. We waren van plan om onderweg te gaan lunchen, maar als Mats in slaap valt vraag ik de chauffeur om door te rijden naar het hotel. Net als de vorige chauffeur houdt hij lang vol dat hij het hotel wel weet te vinden, maar dat valt toch tegen. Raar dat ze hier nauwelijks Google Maps gebruiken, terwijl het feilloos werkt. Na 2 keer bellen en 3 keer iemand onderweg vragen, weet hij het juiste paadje te vinden. We hobbelen nog 2 kilometer over een onverharde weg en dan bereiken we het resort. 

Het Seven Turtles Resort ligt buiten de bewoonde wereld aan het strand. Het is een mooi klein hotel met maar 10 kamers, maar wel met zwembad en restaurant. Als we de kamers hebben bekeken, gaan we eerst lunchen. Het is al kwart voor 2 als we eindelijk lunch bestellen, waar we nog een uur op moeten wachten. Helaas voor ons is er net door twee grotere groepen lunch besteld en het tempo ligt hier extreem laag. De eigenaar verontschuldigde zich, er zijn medewerkers op vakantie. Mats is redelijk overstuur maar dan eindelijk komt zijn pannenkoek. Onze clubsandwiches smaken prima, maar morgen lunchen we ergens anders. Direct na de lunch wordt mij gevraagd om het diner alvast te kiezen, zodat ze dat wel op tijd kunnen serveren. Idioot... maar ik bestel toch maar het een en ander om te voorkomen dat we ‘s avonds weer zo lang moeten wachten. Tijdens het wachten had ik al gekeken naar restaurantjes in de buurt, maar dat lijkt mij allemaal niets of is niet lopend bereikbaar. 

Met de lunch blijkt dat mijn moeder niet fit is, ze heeft last van haar buik en vertrekt naar haar kamer. Wij trekken na de lunch onze zwemkleding aan en koelen af in het zwembad. De kinderen vermaken zich ontzettend goed met z’n tweetjes en houden het heel lang uit in het water. Als we verschrompeld zijn, gaan we naar onze kamer. We kijken uit op het zwembad, de bar en het strand, vanaf een heerlijk groot balkon. Echt een mooi plekje, in alle rust, maar met alles wat je nodig hebt voor een paar dagen relaxen! Ik koos dit hotel uit omdat er een paar kilometer verderop een schildpadden programma is, je kunt hier ‘s avonds mee het strand op om schildpadden eieren te zien leggen. Wij hebben dit al twee keer mogen beleven in Costa Rica, maar mijn moeder heeft het nog nooit gezien. Doordat ze niet fit is komt het er misschien niet van, maar we zitten hier toch helemaal prima!

Het eten ‘s avonds wordt verrassend snel geserveerd. Nou ja, het komt maar 5 minuten later dan we hadden aangegeven. M’n moeder is in haar bed gebleven. De kip die ik voor haar besteld heb, valt in goede aarde bij Mats. De jongens krijgen pasta met kaas en dat smaakt ze prima. Mijn tonijnsteak is misschien wel de lekkerste die ik ooit gegeten heb! Na het eten komt de ober bij ons. Hij vertelt dat er schildpaddeneieren begraven zijn en dat er een kans is dat de baby schildpadjes vanavond uit komen. We zouden hier nog een uur voor moeten wachten. Dit is wel haalbaar met de jongens en we bestellen een beker ijs om ze nog even bezig te houden. De beker is in no time leeg en Stan en Mats willen meer. Stan gaat zelf bij de ober een nieuwe vragen, zijn verlegenheid verdwijnt als hij iets echt wil. Zijn bestelling in het Engels lukt, maar eigenlijk hoeft hij geen ijs meer. Nu hebben Christiaan en ik ook nog iets.

We maken het uur vol met een filmpje op de iPad en het zoeken van krabben op het strand. De krabbetjes zijn heel snel en rennen hun holletje in als je naar ze toe gaat, maar we zien er toch een paar lopen. Ook de straathonden zijn op krabbenjacht. Na ruim een uur gaat Christiaan met de ober kijken bij het schildpaddennest. Je ziet hier helemaal niets van, behalve dat de ober in het zand heeft aangegeven waar het is. Voor Stan en Mats wil hij wel een schildpadje helpen door wat zand weg te graven, het zou toch al uit het ei en aan het graven zijn. Pas als de ober diep aan het graven is, begrijp ik dat het schildpadje nog lang niet op het strand was, uiteindelijk blijkt het nog maar net uit het ei te zijn. De klimtocht door het zand maakt de schildpadjes normaal gesproken sterk genoeg om ook de sparteltocht naar de zee te kunnen maken. Het mini-schildpadje dat de ober tevoorschijn tovert uit het zand is helemaal nergens toe in staat. De honden die al die tijd achter ons staan vormen sowieso al een flinke barrière. Dit mini-schildpadje is niet meer te redden, de ober begraaft het met het ei dat hij ook laat zien in het nest en sluit dit weer met zand. Dat er mensen om ons heen staan die misschien wel geloven dat het schildpadje het toch gaat redden verbaast me. Stan en Mats geloven dit gelukkig wel, ik ga ze maar niet vertellen dat er voor hen een schildpadje vermoord is. Het wordt nu echt laat voor ze en zonder veel moeite krijgen we ze in bed. Gelukkig kunnen we morgen uitslapen. 

Vanmorgen werd Mats al vroeg wakker. Vanuit zijn tentje riep hij dat zijn deken kwijt was. Ook met zijn lakentje over zich heen gaat hij niet echt meer slapen. Even later roept hij weer en om even na 7 uur neem ik hem maar mee in ons grote bed. Helaas is het dan voorbij met de rust, hij wil helemaal niet meer slapen, hij wil spelen. Pfff toch jammer dat de jetlag alweer voorbij is. Stan slaapt bij mijn moeder en komt even na 8 uur onze kamer inlopen, net wakker. We kleden ons aan en gaan naar het ontbijt. M’n moeder gaat wel mee, maar honger heeft ze niet. Het gaat wel ietsje beter dan gister en na het ontbijt gaan we met z’n 5en zwemmen. Het is bewolkt en minder heet dan gister, heerlijk! Na een uur vinden we het wel weer mooi geweest en gaan we snel douchen. 

De jongens willen niet naar het strand, Mats vindt de hoge golven zelfs eng, dus besluiten we om voor de lunch naar het stadje Tangalle te gaan. Twee stranden verderop, maar via een omweg in 20 minuten te bereiken. M’n moeder blijft in het hotel en we twijfelen even of we Mats ook niet beter in het hotel kunnen laten, hij is huilerig en duidelijk moe. Maar hij wil zelf met ons mee en niet naar bed, dus stappen we met z’n vieren in een Tuktuk. Mats bij mij op schoot en hij valt al snel in slaap. We rijden eerst naar een apotheek, de jongens hebben allebei diverse plekken op hun huid met warmte uitslag of andere irritatie. Hier koopt Christiaan met Stan een zalfje voor en dan laten we ons naar een restaurant brengen. 

De Tuktuk chauffeur brengt ons naar een afgelegen restaurant aan het strand. Het ziet er niet heel bijzonder uit en er zit verder niemand. Maar ‘good food’ en het tijdstip van half 2 overtuigen ons om hier te gaan lunchen. Geen slechte keuze want de pizza’s smaken erg lekker en gaan helemaal op. Ondertussen horen we onweer, terwijl de lucht niet echt veranderd is. Nou ja, vanuit het restaurant gezien dan. Als we weer naar de Tuktuk lopen, zien we een pikzwarte lucht achter het stadje, daar regent het duidelijk al!

We willen nog wat dingen kopen en de chauffeur weet waar we moeten zijn. We rijden dwars door het stadje wat er lekker bedrijvig uitziet. Als hij stopt voor een winkel met petjes (en heeeel veel andere zooi) roept hij ‘hurry, rain will come soon!’ terwijl wij uit de Tuktuk klimmen. In sneltreinvaart kiezen we 3 petjes uit en terwijl Christiaan betaalt, loop ik de winkel alvast uit. Er staat een Tuktuk voor de winkel en ik zie pas op het laatste moment dat dit niet de onze is. Hè, maar waar is onze Tuktuk dan? Ik sta even te wachten en haal de kinderen alvast uit de winkel, maar nog geen Tuktuk te vinden. Pas als Christiaan er ook is, komt de chauffeur aangelopen. Hij is aangehouden door de politie omdat hij niet voor deze winkel stil mocht staan. Nou staan in Sri Lanka altijd overal op de meest onmogelijke plaatsen tuktuks, dus dit is een beetje vreemd. We hebben nog nauwelijks politie agenten in functie gezien in Sri Lanka en dachten dat zo ongeveer alles mocht...

De politieagent heeft een stalletje in de markt. Terwijl de chauffeur probeert zijn rijbewijs terug te krijgen, kunnen wij nog mooi een watermeloen kopen voor morgen. De chauffeur krijgt zijn rijbewijs niet terug. Hij moet eerst naar het politiebureau om 1000 roepies (5 euro) te betalen en met het betalingsbewijs krijgt hij zijn rijbewijs weer terug. Hij wil ons eerst terugbrengen naar het hotel, volgens mij omdat het noodweer eraan komt. Hij moet toch terug naar Tangalle om zijn dochter van school te halen. Voor ons prima, al snapt Stan niet dat je zonder rijbewijs nog steeds in een Tuktuk kan rijden. Als we wegrijden spettert het al en als we het stadje uitrijden barst het noodweer los. De Tuktuk kan enigszins afgesloten worden met tentzeil, maar de regen slaat evengoed naar binnen. Wij verwachten dat het bij het hotel ook wel noodweer zal zijn, maar even later rijden we over een droge weg. We nemen de regen wel mee, want als we aankomen bij het hotel barst het daar ook los. Als ik de chauffeur vraag wat dit ritje kostte, verbaas ik mij over de lage prijs. Nog geen 10 euro voor een uur rijden en uren op ons wachten. We betalen ook maar zijn boete en een beetje fooi, dit was weer een leuk middagje. Als ik bij onze kamer kom, heeft Stan het verhaal over de politie al aan oma verteld. 

We drinken weer wat op ons balkon tot het stopt met regenen. Stan en ik gaan een stukje wandelen over het strand en Mats gaat met oma nog even een tukkie doen. Nou ja, hij gaat mee naar oma’s kamer. Als Stan en ik nog geen half uur later terug zijn, komt Mats vrolijk terug. Hij heeft even met oma gekletst, nee natuurlijk niet geslapen... We doen een spelletje en dan wil Stan heel graag nog een keer zwemmen. Nu kan het nog, in de komende hotels hebben we geen zwembad. Dus vooruit, zwembroeken weer aan en gaan. We blijven erin totdat het bijna donker wordt. Dan weer even snel douchen en kleren aan voor het diner. M’n moeder gaat nu wel mee eten, nou ja ze kijkt naar het eten en neemt een wortel. De jongens eten weer lekker pasta en Christiaan spuugt nog net niet zijn ananas uit. Oeps, dat stond niet bij zijn kipgerecht op de kaart... Mijn curry met garnalen is onwijs lekker, alleen jammer dat de rijst nog bijna rauw is. Echt, die curry zou ik wel willen inpakken en meenemen voor de komende weken, heerlijk! Bij het opruimen van de tafel zeg ik tegen de ober dat de rijst niet lekker was, veel te hard. Binnen een paar minuten staat er een andere medewerker (de kok?) aan tafel om uit te leggen dat dit basmati rijst is en zo hoort. Nou uh... zo hard? Maar het is goed bedoeld en ik bedank hem voor de heerlijke curry. 


We spelen nog een spelletje na het eten en gaan dan naar de kamer. Na nog een spelletje is het voor de jongens bedtijd. Mats leest ons zijn boek voor, dit kent hij inmiddels uit zijn hoofd. Nog even tanden poetsen en wat zalf smeren en ze gaan heerlijk slapen. Wij drinken nog een kop koffie op het balkon en maken het ook niet laat. Benieuwd wat ons morgen te wachten staat, na de lunch worden we opgehaald door de eigenaar van het volgende hotel: Max Safari Villa: op naar de olifanten!

dinsdag 1 mei 2018

Sinhajara regenwoud wandeling met de kids

Oei wat ging die wekker vroeg vanmorgen! Om half 8 zouden we ontbijten dus om 7 uur uit bed. Dat viel even tegen na twee dagen uitslapen. Tegen 8 uur werd het ontbijt geserveerd, een prima eitje met toast. Het duurde daarna nog even voordat de lunchpakketten klaar waren, maar voor 9 uur zaten we in jungle-wandel-outfit in een busje met de ramen open. Het ritje van 13 kilometer duurde wel even, er werd even gestopt voor wat fruit en hier en daar een praatje gemaakt. Ook wees Badula ons op wat interessante plekken en dieren. In een klein dorpje vlakbij het regenwoud werd de bus geparkeerd. Wij mochten gaan lopen. In de volle zon, bloedheet natuurlijk, liepen we langs rijstvelden waar mensen hard aan het werk waren. Langs theeplantages waar blaadjes geplukt werden. Langs een schooltje waar de kindjes heel rustig stil zaten. Langs allerlei vruchtenbomen met heerlijk geurende bladeren. Langs de rivier met uitzicht op de jungle. Wat was het heet... maar wel mooi! 

Het duurde bijna een uur voordat we eindelijk bij het regenwoud aankwamen. Het bezoekerscentrum stelde helemaal niets voor, maar we konden er wel even zitten en wat fruit eten. In de schaduw was het wel iets koeler, maar het was natuurlijk lekker klam. We verruilden het grindpad voor een modderpad met hier en daar een rots of boomwortel, even beter opletten dus. De jongens liepen allebei lekker mee. Ze vertrouwden Badula inmiddels volledig en vooral Stan liep liever een meter achter de gids dan bij ons aan de hand. Vanaf de parkeerplaats liep er al een hond met ons mee, ook dit ging prima met Stan en Mats. Tegen lunchtijd werden de jongens wel wat moe en vervelend. Maar Badula verzon dan weer iets grappigs, zoals varens waarmee je kan stempelen op kleding, varens die dicht gaan als je ze aait en aapje spelen aan de liaan. 

Via een hangbrug kwamen we bij een ander bezoekerscentrum, waar we nog wat fruit aten. Badula gaf aan dat we nog 45 minuten moesten lopen naar de waterval waar we naar toe wilden, dat vonden we nu echt te gek worden. De kinderen en oma werden wel wat moe en we moesten dezelfde weg ook weer terug. Het alternatief was nog een kwartier lopen naar een zwemplaats in de rivier met wat rotsen. Dat kunnen we aan de kinderen prima verkopen als een waterval en dus trokken we de tassen weer op de rug en wandelden verder. Terug over de wiebelbrug en verder het bos in. Mats vond het bos wel erg lang, hij wilde niet meer. Gelukkig kwamen we, net voor hij volledig instortte, aan bij de zwemplaats. Een prachtige plek, midden in de natuur, waar een groep Fransen en een paar locals aan het zwemmen waren. Dat de locals zich volledig insopten voor ze gingen zwemmen vond vooral Mats wel erg gek. De stroming was sterk, dus de kinderen konden alleen met ons in het water. Ondertussen aten we ook de koude rijst met pittige curry als lunch op, gelukkig hadden we voor de kinderen nog een ontbijtkoek en wat watermeloen. 

Na de verfrissende duik gingen we vol goede moed op weg terug naar de bus. Mats stortte nu echt helemaal in, zijn korte pootjes wilden niet meer. Bij Christiaan op zijn nek zei hij dat hij wilde slapen, dat is niet zo handig. Gelukkig hield hij zijn ogen open en konden we een stukje lekker doorlopen. Stan liep nog vrolijk mee, totdat hij doorkreeg dat Mats werd gedragen. Dat wilde hij natuurlijk ook, maar dat gaat echt niet meer. Hij mocht voorop bij Badula lopen en hield het gelukkig wel vol. Na een dextrootje was Mats ook in staat om weer een stukje te lopen. Badula bracht ons nog bij een andere waterval, ook een mooi plekje! We waren allemaal blij dat we weer bij het bezoekerscentrum waren, het bos weer uit. We hadden op de heenweg wat tuktuks zien staan in een dorpje vlakbij het bezoekerscentrum en zagen dat wel als een goede optie om terug bij de bus te komen. We stopten even bij een soort winkeltje, waar we een koud drankje namen. Badula regelde twee tuktuks en zo kwamen we toch met twee blije kinderen weer bij de bus. We hebben een kilometer of 8 gewandeld met Badula, heuvel op en heuvel af, dus dat voelen onze ongeoefende benen wel!

Op de heenweg wees Badula ons op een theefabriekje en terug in de bus vroeg hij of we dit wilden bekijken. Weer enigszins bijgekomen in de Tuktuk en bus konden we dit wel aan. De bus bracht ons nog net niet helemaal naar binnen, waar we een setje schoenbeschermers en een haarkapje kregen. We konden al even binnen kijken in de fabriek. Hier waren allemaal vrouwen met een haarmutsje op bezig met het sorteren van theeblaadjes. Mats was er volledig van overtuigd dat dit Zwarte Pieten waren :) Netjes aangekleed en zonder fotocamera mochten we de fabriek betreden. We liepen naar boven waar de vers geplukte theeblaadjes werden gedroogd en verder van het takje geplukt. In een paar stappen wordt het vochtgehalte van de theeblaadjes terug gebracht tot 80% en dan mogen ze naar beneden. Hier worden de theeblaadjes gefermenteerd in ketels en dan verhit tot 120 graden. Nu krijgen de theeblaadjes het uiterlijk van de theeblaadjes zoals wij die kennen. Hierna volgen de stappen van het sorteren. Met oude sorteermachines worden de theeblaadjes in diverse stappen van elkaar gescheiden. 

Wij vonden de fabriek erg ouderwets, het deed mij vooral aan de bamboe fabrieken in China denken. Veel vrouwen, zwaar werk en erg eentonig. Er stond wel een nieuwe sorteermachine, die op basis van kleur de blaadjes sorteert, dus in de toekomst zullen de oude sorteermachines wel vervangen worden. Maar dit is een kostbaar traject. De stappen tot het verhitten zijn in een paar uur klaar, maar de theeblaadjes hebben nog wel een paar dagen nodig om via de huidige sorteermachines in de uiteindelijke zak te komen voor de export. Vanuit deze fabriek wordt vooral geëxporteerd naar Japan en China. Uiteraard kregen we aan het einde van de rondleiding een kopje thee aangeboden, die ontzettend bitter smaakte. Geen pakje thee gekocht als souvenir. Maar wel erg leuk om dit proces ook eens te zien!

Nu was de tour echt geëindigd en reden we terug naar het hotel. Toen ik Badula vroeg waarom de gebitten van veel Sri Lankanen zo vies rood zijn, werd er gestopt bij een klein winkeltje. Hij kreeg een pakketje bladeren voor een paar muntjes. In de bladeren zaten een paar gedroogde palmhart (heb ik hopelijk goed begrepen). Daar kauwen ze op en dan eten ze ondertussen de bladeren ook op. De eerste hap ging nog wel, maar na een paar keer goed kauwen ging ik bijna over m’n nek van de bittere smaak. Zo vies! De blaadjes heffen de bittere smaak enigszins op, maar ik had echt een pepermuntje en wat water nodig om weer een normale smaak in mijn mond te krijgen. ‘Mama, waarom eet je blaadjes?’ Uhm ja, je moet alles een keer proberen? Badula zei dat het niet hallucinerend werkt, maar mijn tong en gehemelte voelden verdoofd aan. Ook voelden mijn tanden alsof ik een bord verse spinazie op had, niet best! 

Terug bij het hotel waren we allemaal best gaar. We bestelden een drankje en namen een verfrissende douche, voordat we een uitgebreide rijsttafel kregen. Christiaan en ik hebben nog even een blik in de keuken geworpen, wat een werk om de curries te maken! Met 5 verschillende curries smaakte de rijst nog lekkerder dan gister. Vooral de milde kip curry smaakte erg goed! Badula kwam nog even kijken of het allemaal smaakte en legde uit wat we eigenlijk aan het eten waren:  een pittige kip-curry, een zoete pompoen curry, een dal-knoflook curry, een koude ‘onkruid’-curry en een milde Jack-fruit curry die dus helemaal geen kip bevatte. Christiaan die een fruitcurry als favoriet aanwijst, wie had dat nou verwacht... Maar ik zag er ook echt kip in, ook na de uitleg van Badula. De vezelstructuur lijkt enorm op kipfilet, alleen aan de zaadjes merk je echt dat het geen kip is. En met een beetje curry kruiden smaakt alles lekker :) 

Tijdens het eten stortte Mats weer helemaal in, maar toch moesten er nog kikkers gezocht worden. Dit lukte gelukkig vrij snel, dus gingen we om 8 uur naar onze slaapkamer om de jongens in bed te leggen. Gister duurde het ruim een half uur tot ze gingen slapen, nu vroeg Stan na een paar minuten of we wat stiller wilden doen... Het hotel is zo gehorig als het maar kan, dus ze konden alle gesprekken horen. Wij hebben nog even wat foto’s bekeken en contact gehad met het thuisfront. Het zal vanavond niet laat worden, niet alleen onze benen zijn moe. Morgen gaan we via een rotstempel terug naar het strand, weer even bijkomen en relaxen!